B.V.

Geruisloze terugkeer uit de B.V.: wanneer, waarom én hoe doet u dat?

 Veel ondernemingen hebben een B.V.-structuur. Niet gek, want een B.V. is aantrekkelijker voor investeerders, en privévermogen van de eigenaar of grootaandeelhouder is beschermd. Bovendien valt een B.V. vaak – afhankelijk van de winst – onder de vennootschapsbelasting. Dan betaalt u over het algemeen een lager tarief dan bij een vof of eenmanszaak, die onder de inkomstenbelasting vallen. Verandert er – ingrijpend, in negatieve zin en naar waarschijnlijkheid blijvend – iets in de hoeveelheid winst die uw onderneming maakt? Bijvoorbeeld door het faillissement van een grote klant, crisis of een andere oorzaak? Dan is het verstandig om te bekijken of de B.V. nog wel de juiste rechtsvorm is voor uw bedrijf. Daar helpen wij u graag bij.

 De belangrijkste redenen om een B.V.-structuur te voeren, zijn als volgt:

  1. Fiscale voordelen
  2. Beperkte aansprakelijkheid
  3. Commerciële uitstraling

Als uw B.V. niet voldoende winst of zelfs verlies maakt, kan het verstandig zijn om de B.V. op te heffen of in een andere vorm te gebruiken. Een B.V. kan relatief eenvoudig en zonder fiscale belemmeringen in een eenmanszaak worden omgezet; dat noemen we ‘terugkeer uit de B.V.’. Een regeling die vanwege de complexiteit niet vaak wordt gebruikt. Toch kan hij in veel gevallen voordelen opleveren voor u en uw bedrijf. In basis zijn er twee mogelijkheden om uit de B.V. terug te keren:

  1. De geruisloze terugkeer uit de B.V.
  2. De ruisende terugkeer uit de B.V.

In dit artikel bespreken wij de eerste vorm, omdat er bij een ruisende terugkeer uit de B.V. eigenlijk geen sprake is van fiscale faciliteiten.

De geruisloze terugkeer uit de B.V.

Bij een B.V. moet u salaris uitkeren. Soms lukt dit niet. Bij een eenmanszaak is de gebruikelijkloonregeling niet van toepassing. Bovendien hoeft u in een dergelijke onderneming over de eerste 15.000 euro winst geen belasting te betalen.

Andere redenen om geruisloos uit een B.V. terug te keren kunnen zijn:

    • Meenemen verrekenbare verliezen uit de B.V.
    • Voorkomen overdrachtsbelasting op bedrijfspand in de B.V.
    • Niet afrekenen op aanmerkelijk belang winsten
    • Voorkomen afrekenen op een TBS-pand

Zowel in de Wet op Vennootschapsbelasting, de Wet Inkomstenbelasting als in de Wet Overdrachtsbelasting (voor onroerende zaken) zijn hiervoor bepalingen opgenomen.

Vaak worden bij een terugkeer uit de B.V. ‘simpelweg’ de activa en passiva overgedragen aan de voortzettende aandeelhouder. Ook de claim op stille reserves en goodwill gaan dan over op deze persoon. Kort gezegd treedt de nieuwe grootaandeelhouder fiscaal in de plaats van de besloten vennootschap. Voorwaarden kunnen eventueel in overleg met de fiscus bepaald worden.

Besluit u geruisloos terug te keren uit uw B.V.?

Bekijk als ondernemer of grootaandeelhouder allereerst of deze regeling voor uw situatie geschikt is. Als B.V. mag u namelijk uitsluitend natuurlijke personen als aandeelhouders hebben, om in aanmerking te komen voor geruisloze terugkeer. Dit sluit holdings bijvoorbeeld uit. Daarnaast is een geruisloze terugkeer niet geschikt voor fusies, overnames of liquidatie; het is namelijk een voorwaarde dat de aandeelhouders de onderneming van de vennootschap zelf voortzetten. Daarnaast zijn er mogelijk (fiscaal) gunstigere alternatieven voor uw situatie – bijvoorbeeld als u nog teveel winst maakt, of juist al (veel) verlies geleden hebt. Houd bijvoorbeeld ook rekening met voorwaartse verliesverrekening, ook de verliezen gaan namelijk (deels) over naar de voortzettende aandeelhouder. En die kunnen helaas niet verrekend worden met ander inkomen uit box 1 (inkomen uit werk en woning). In de praktijk is men zich hier niet altijd van bewust.

Laat u goed begeleiden in het proces

Voor toepassing van de geruisloze terugkeer moet de vennootschap een verzoek indienen bij de Belastingdienst. De fiscus zal het verzoek afwijzen als het niet op tijd ingediend is, als de gegevens niet volledig zijn, of als uw onderneming – om wat voor reden dan ook – niet aan de voorwaarden voldoet, en dus niet in aanmerking komt voor deze regeling.

Kortom: verkeert uw onderneming in zwaar weer, dan kan een geruisloze terugkeer uit de B.V. (fiscaal) voordelig voor u zijn. Ga echter niet over één nacht ijs. Laat u goed adviseren, want het proces is niet eenvoudig. Wilt u meer weten over de procedure? Neem dan contact met ons op; wij van Fiscaal Adviesbureau De Boer helpen u graag.

rente

Aanscherping overname renteaftrek beperking

Door de zogeheten overnamerenteaftrekbeperking kan een holding onder bepaalde omstandigheden de rente over schulden waarmee de overname van een lichaam is gefinancierd niet (volledig) aftrekken. Een van de voorwaarden voor deze bepaling is dat het overgenomen lichaam tot de dezelfde fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting gaat behoren als de overnemende holding.

Renten op overnameschulden zijn grofweg gezegd alleen aftrekbaar voor zover daar winst tegenover staat die is toe te rekenen aan de fiscale eenheid exclusief de winst van het overgenomen lichaam. In het Belastingplan 2017 stelt de wetgever voor het deel van de winst van de fiscale eenheid dat toerekenbaar is aan de andere maatschappijen te verhogen met het bedrag aan renten en kosten ter zake van overnameschulden dat bij het bepalen van dat deel van de winst in aanmerking is genomen. Verder wil de wetgever een lek repareren.

De berekeningswijze van de niet-aftrekbare overnamerente is nu zo vormgegeven dat de holding fiscaal wordt gestimuleerd om binnen zeven jaar flink af te lossen op zijn overnameschulden. De huidige wet maakt het echter mogelijk de termijn te vernieuwen door de schuld onder een nieuwe overnameholding te hangen. Aan deze ontsnappingsmogelijkheid lijkt een einde te komen.

verbondenheid

Uitbreiding begrip verbondenheid in 2017

Rente over schulden die zijn aangegaan voor zogeheten besmette rechtshandelingen is onder voorwaarden niet aftrekbaar. Een voorbeeld van een besmette rechtshandeling is het uitdelen van winst aan een verbonden persoon. Deze zogeheten antiwinstdrainagemaatregel is echter alleen van toepassing als een verbonden persoon of verbonden rechtspersoon de lening heeft verstrekt. Twee lichamen zijn met elkaar verbonden als het ene lichaam een belang van minimaal een derde in het andere houdt of als een derde lichaam in beide lichamen een belang houdt van een derde of meer.

Lichamen zijn ook met elkaar verbonden als zij zijn samengevoegd in dezelfde fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Het Belastingplan 2017 bevat een voorstel om het begrip verbondenheid uit te breiden. Een lichaam zal ook met een ander lichaam zijn verbonden als het samen met een of meer andere lichamen, die met dat lichaam een samenwerkende groep vormen, voor minimaal een derde gedeelte belang heeft in het andere lichaam.

Belang

Het eerstgenoemde lichaam moet dan wel zelf ook een belang in het andere lichaam hebben. De uitbreiding van het begrip verbondenheid zal gelden voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2017.

dga's

CPB: Dga’s benutten fiscale prikkels

Uit het ‘Discussion Paper Tax bunching by owners of small corporations’ van het Centraal Plan Bureau blijkt dat dga’s op de hoogte zijn van het fiscale beleid en waar mogelijk inspelen op (eenmalige) fiscale prikkels. Zo vertoont het aangegeven looninkomen in box 1 een sterke piek bij het minimumbedrag van de gebruikelijkloonregeling.

Daarnaast bevindt zich een concentratie van aangiftes in box 1 met een belastinggrondslag die net vóór een tariefgrens ligt. De verhoging van het marginaal tarief met 10 procentpunten bij de hoogste tariefgrens verlaagt het belastbaar inkomen met 0,6% tot 1,1%. In 2007 werd het tarief in box 2 tijdelijk verlaagd van 25% naar 22% over de eerste € 250.000. Dat jaar vertoonde een sterke toename van uitgekeerde dividenden. In 2007 waren er bijna 22.000 dga’s die een box-2-inkomen aangaven dat exact gelijk was aan de tariefgrens (€ 250.000).

Fiscale faciliteiten

In 2008, na de stijging van het tarief met 3 procentpunt, waren dat minder dan 400 dga’s. Wilt u zeker weten dat u ook optimaal gebruik maakt van de fiscale faciliteiten, kom dan eens bij ons langs om dat te laten checken.

gelijktrekking

Motie gelijktrekking eigen en vreemd vermogen aangenomen

Twee Kamerleden hebben geconstateerd dat het huidige fiscale regime de financiering met vreemd vermogen aantrekkelijker maakt dan het financieren met eigen vermogen. Zij menen dat bedrijven minder kwetsbaar worden met een groter aandeel eigen vermogen. Daarom hebben de Kamerleden een motie ingediend voor gelijktrekking. Hierin verzoeken zij de regering om voorstellen te doen om de fiscale behandeling van eigen en vreemd vermogen meer gelijk te trekken. Inmiddels heeft de Tweede Kamer deze motie aangenomen. Alleen de VVD stemde tegen; zij vreest dat de motie zal leiden tot beperking van de nu nog bestaande renteaftrek voor vreemd vermogen. Dit zou een lastenverzwaring voor het bedrijfsleven betekenen.

Maar de minister van Financiën stelt dat het theoretisch ook mogelijk is dat de kosten van eigen en vreemd vermogen allebei aftrekbaar worden. Dit zou juist een lastenverlichting opleveren voor het bedrijfsleven.

niet-gelieerde

Transactie niet-gelieerde partijen altijd zakelijk

De Hoge Raad heeft in zijn arrest duidelijk gemaakt dat niet-gelieerde partijen elkaar geen onzakelijke lening kunnen verstrekken. De eerdere rechtspraak over onzakelijke leningen is namelijk alleen van toepassing als sprake is van een aandeelhoudersrelatie of andere bijzondere persoonlijke betrekkingen tussen de schuldeiser en de schuldenaar. De uitkomt van het arrest van de Hoge Raad is overigens niet altijd voordelig voor de belastingplichtige. De vrijval van een zakelijke schuld is namelijk in beginsel belast. De fiscus moet een vrijval van een onzakelijke schuld in beginsel aanmerken als een onbelaste kapitaalstorting.